Naam: Burgercode:

U bent niet ingelogd, en daarom wordt een vereenvoudigde versie van deze pagina getoond. Deze is bedoeld voor niet-Irespanen, zodat deze de wetten kunnen lezen alvorens te immigreren. Bent u reeds Irespaans staatsburger, log dan in om alle mogelijkheden te kunnen benutten.

Ingediend door Daan en aangenomen op 6-1-2008

Wet: Strafrecht

Inleiding

Onderstaande voorstel ingediend, constaterende dat, om een eerlijke rechtsgang te waarborgen, beide partijen in totaal minstens een week de tijd moeten hebben om bewijsmateriaal te verzamelen.

Deze wijziging ingediend, constaterende dat, om ook voetsporen, foto's en dergelijke te kunnen gebruiken, het toegestaan moet zijn, bewijsmateriaal in een rechtszaak te gebruiken, dat door één van beide partijen zelf is gemaakt.

Deze wijziging ingediend, constaterende dat, om te voorkomen dat mensen onredelijk lang verdachte kunnen zijn, een maximale duur van een rechtszaak ingesteld moet worden.

Wettelijke bepalingen en besluiten

1. Iedere burger kan een andere burger aanklagen.
2. Bij een rechtszaak kunnen slechts die rechters functioneren als rechter, die niet aanklager of aangeklaagde zijn.
3. Nadat de aanklager het delict heeft gemeld, verzamelt hij bewijs en overhandigt dat aan de rechter, waarbij hij de aangeklaagde aangeklaagd heeft. Een kopie van het bewijsmateriaal moet aan de aangeklaagde worden overhandigd.
4. Hierna is het de taak van de aangeklaagde om de bewijzen van de aanklager te weerleggen, of om de onschuldigheid van de aangeklaagde direct te bewijzen. Dit bewijs dient ook aan de rechter te worden overhandigd, evenals een kopie aan de aanklager.
5. Indien praktisch mogelijk moeten de rechters controleren of het bewijsmateriaal klopt, dus of het niet verzonnen, in scene gezet, gelogen of iets dergelijks is.
6. Nu zoeken de rechters de straf die bij het delict hoort. Alle rechters moeten achter deze straf staan; een compromis sluiten kan dus noodzakelijk zijn. Indien zij menen dat het bewijs van de aanklager niet overtuigend is of wordt weerlegd door het bewijsmateriaal van de aangeklaagde, wordt deze laatste vrijgesproken van de aanklacht.
7. Er mag niet eerder een uitspraak worden gedaan dan dat ofwel een periode van één week is verstreken na het indienen van de aanklacht, ofwel zowel de aanklager als de aangeklaagde hun bewijsmateriaal hebben ingediend.
8. De aangeklaagde dient zich aan de opgelegde straf te houden.
9. De aangeklaagde mag niet eerder uit Irespa emigreren dan wanneer hij wordt vrijgesproken danwel hij zijn straf heeft ondergaan.
10. Hebben de rechters negentig dagen na aanvang van de rechtszaak de aangeklaagde nog altijd niet vrijgesproken dan wel een straf opgelegd, zo volgt vrijspraak.
Andere publicaties